Zorgde de wijnbouw in het Ahrdal voor meer watergeweld?

Wie de Rotweinwanderweg ten noorden van het Duitse Ahrdal bewandelt, heeft niet meteen door dat het rampgebied vlakbij is. De route voert langs duizenden wijnranken die zich uitstrekken over glooiende heuvels; de groene druiven glimmen in het zonlicht. Het enige wat je hoort zijn krekels, het geknisper van grind onder je schoenen en het gebrom van een snelweg op de achtergrond. Af en toe komt een shirtloze man op een schoffelmachine tussen de wijnranken vandaan, die Guten Tag mompelt en weer tussen de druiven verdwijnt.

Maar wie zijn oren spitst, hoort het geluid van sirenes. Wie zijn ogen scherp stelt, ziet dat de lucht boven het dal een bruinige gloed heeft. En wie hier vaker komt, weet dat het vreemd is dat er in juli geen toeristen over het pad lopen. Het zijn symptomen van de watersnoodramp die zich twee weken eerder op nog geen kilometer afstand afspeelde.

In de nacht van 14 juli trad de Ahr met geweld uit haar oevers en liepen grote delen van het dal onder water. In plaatsen als Sinzig, Dernau en Bad Neuenahr-Ahrweiler spoelden auto’s en hele huizen door de straten. Ook andere delen van Rijnland-Palts en de naburige deelstaat Noordrijn-Westfalen overstroomden. Zeker 181 mensen kwamen om, tientallen anderen worden nog vermist.

Het Ahrdal staat bekend om de grote hoeveelheid wijnranken en ook in andere overstroomde gebieden in Duitsland, België en Nederland wordt wijn verbouwd. Is er sprake van toeval of heeft de druiventeelt bijgedragen aan het watergeweld?

De belangrijkste oorzaak voor de overstromingen is de uitzonderlijke hoeveelheid neerslag die half juli in korte tijd viel, benadrukt de aan de TU Delft verbonden hydroloog Marie-Claire ten Veldhuis. In delen van West-Duitsland viel in twee dagen tijd bijna 150 liter regen per m2 terwijl daar normaal gesproken in heel juli 80 liter valt. „Met zulke hoeveelheden raakt iedere bodem op een gegeven moment verzadigd en zal meer water de helling aflopen”, zegt Ten Veldhuis. Dit water kwam terecht in rivieren zoals de Ahr, die overstroomden.

Toch hebben de wijnranken volgens Ten Veldhuis wel degelijk invloed op het overstromingsgevaar. „Voor wijnbouw haal je alle natuurlijke vegetatie weg die helpt bij de infiltratie van water in de grond: wortels houden de bodemstructuur open en zo kan regenwater de grond intrekken”. Bij biologische wijnbouw is dat effect minder, omdat daarbij meer planten worden geplaatst rond de wijnstokken. Biowein is echter nog altijd een uitzondering.

De Duitse geowetenschapper Jana Eichel van de Universiteit Utrecht voegt toe dat de machines die wijnbouwers gebruiken, het sponseffect verder kunnen verminderen. „Zware oogstmachines kunnen de grond in elkaar drukken, waardoor er minder lucht overblijft en dus minder ruimte om water op te nemen.” Hij benadrukt dat de heuvels waarop in West-Duitsland wijn wordt verbouwd, vaak „erg stijl en steenachtig” zijn. „Die bodem kan sowieso niet zoveel opnemen.”

Als de heuvels rondom de overstroomde dalen helemaal begroeid waren geweest met bomen en andere planten, was de schade dus wellicht minder geweest. „Maar of dat 5 procent verschil had gemaakt of 20 procent is niet te zeggen zonder gerichte analyse”, aldus Ten Veldhuis. Bovendien, benadrukt zij, de schade was groter geweest als de heuvels waren volgebouwd met woningen. „Verstedelijking genereert veruit de meeste oppervlakkige afstroming.”

Op dit moment zijn wijnbouwers rondom het Ahrdal vooral slachtoffer: velen van hen hebben grote schade opgelopen door de overstromingen. Zo ook de familie Lingen die al tien generaties lang wijn verbouwt op de heuvels ten noorden van het Ahrdal.

Hoewel de vier hectare aan wijnranken grenzend aan de Rotweinwanderweg ongedeerd uit de overstromingen zijn gekomen, zijn de woning en wijnkelder van de familie in de dalstad Bad Neuenahr-Ahrweiler geruïneerd. De schade is twee weken na het watergeweld niet te missen: de ondergelopen kelder is nog steeds van vloer tot plafond lichtbruin van de modder. Het grootste puin is opgeruimd, maar nog altijd liggen er plassen water en afgebroken onderdelen van wijnvaten, machines en gebroken glas. De wijnflessen die de vloedgolf hebben overleefd, liggen bedekt met een dikke laag modder in kisten.

Vierhonderd jaar droog

„Hoeveel dit gaat kosten, kunnen we nog niet overzien”, zegt mater familias Tanja Lingen (49) terwijl ze op bemodderde bergschoenen door de kelder loopt. „Hopelijk kunnen we sommige machines nog redden en de wijn die in de flessen en vaten zit die niet kapot zijn, nog verkopen.” Er wordt onderzocht of de drank is aangetast door het water.

Maar ook als er meevallers zijn, zal de schade voor de familie Lingen en andere wijnbouwers in de tien- of zelfs honderdduizenden euro’s lopen. Hierbij speelt mee dat velen niet verzekerd zijn tegen overstromingsschade. Lingen: „We zitten hier al vierhonderd jaar droog dus hadden nooit gedacht dat dit kon gebeuren”. Als bijvoorbeeld persmachines kapot zijn, kan de oogst niet verwerkt worden. Ook de familie Lingen moet haar druiven mogelijk verkopen aan concurrenten.

Daar komt bij dat veel wijnbouwers sterk afhankelijk zijn van toerisme: een aanzienlijk deel van de inkomsten van de familie Lingen komt uit wijnproeverijen en de verhuur van vakantiewoningen bij de wijngaard. „Maar toeristen komen voorlopig niet”, zegt Lingen. „Er is geen elektriciteit en het duurt nog maanden voor we weer gas hebben. Een leuke vakantie kun je hier niet vieren. De wijnranken staan er mooi bij, maar je kunt niet eens naar het café om een wijntje te drinken.”

Source