Socioloog pleit voor behoefteonderzoek onder jongeren in COVID-tijd

Socioloog Orphilia Graham stelt voor dat er een behoefteonderzoek komt onder jongeren om na te gaan welke activiteiten zij in deze COVID-periode willen en hoe zij dat willen. “Jongeren hebben ook goede idee├źn en voorstellen. Onderzoek kan via social media gedaan worden”, is haar voorstel via Suriname Herald.

De reactie van de wetenschapper volgt nadat gisteren filmpjes opdoken van een grote groep jongeren die aanwezig was bij de Hermitage Mall. Zij beveelt educatieve programma’s aan op een open terrein met verschillende activiteiten voor jongeren met in achtneming van de COVID-maatregelen.

“Ik heb de filmpjes bekeken en zeg dat jongeren het COVID-gebeuren misschien wel weten, maar toch niet begrijpen. Ze zagen het besmettingsgevaar op dat moment niet in en dachten alleen aan hun behoefte om te socializen. Mensen zijn sociale wezens en de behoefte aan interactie is er vooral na zo een lange periode met strenge maatregelen.”

Volgens de socioloog was het niet alleen in de Hermitage Mall druk. Zij zag gisteren ook een superdruk terrasje. Volgens haar geeft dit de behoefte aan die volwassenen hebben om er even tussen uit te gaan. De gedragsdeskundige zegt dat de Hermitage Mall voor jongeren een manier is om zichzelf te uiten en te ontstressen. De afgelopen periode omschrijft zij als stressvol voor volwassenen alsook voor jongeren.

“Aan de andere kant hebben ouders de zorg en verantwoordelijkheid over hun kinderen. Zij hadden de kinderen niet uit huis moeten sturen. Dat is ook weer een ander verhaal. Het is niet makkelijk jongeren in deze COVID-periode bezig te houden. Dit, vanwege het besmettingsgevaar bij sociale interactie, maar het is wel mogelijk.”

De socioloog stelt voor dat er meer controle en beveiliging op openbare plekken komt, waarbij niet veel mensen worden toegelaten. “Er kon rondom het terrein van de Hermitage Mall meer beveiliging worden geplaatst om te voorkomen dat teveel jongeren binnenliepen. Er moest tijdig worden ingesprongen.”

Naomi Hoever


Source