Rutte brengt bezoek aan Suriname

De Nederlandse minister- president Mark Rutte is voor een tweedaagse bezoek in Suriname.  Voor het eerst na jaren komt iemand van het hoogste niveau van de Koninkrijk Nederland naar Suriname. Tijdens de regering Bouterse kon dat niet omdat hij gewoon niets van Nederland wilde weten. In de periode 2010-2020 werden betrekkingen met Nederland in de ijskast gedaan voornamelijk vanuit de Surinaamse zijde, omdat Desi Bouterse ook nog een straf moet uitzitten. In die 10 jaren is er dus bitter weinig van de grond gekomen in de bilaterale relatie. Het enige wat is gebleven was de familierelatie van de burgers van de twee landen, die normaal reisden om elkaar te bezoeken. Eerder hebben we wel bezoeken gehad van de minister van Defensie. Dit was blijkbaar een voorloper op het bezoek van de minister- president Rutte. Na diens aantreden had president Chandrikapersad Santokhi een bezoek gebracht aan Nederland voor ruim een week, maar slechts enkele dagen met de Nederlandse regering gezeten. De overige dagen zijn gebruikt om de Diaspora groepen in Nederland toe te spreken. Rutte heeft het echter aangepakt zoals het hoort en  heeft zich strikt gehouden aan de periode ingelast voor zijn werkbezoek. In de diplomatie heeft onze president daarmee geen rekening gehouden.

Een verdrag geeft op lang termijn meer zekerheden 

In gesprek met een burger die kennis heeft over bestuurskunde,  is aangegeven dat Suriname een ontwikkelingsverdrag heeft gehad met Nederland en later werd dit een Raamverdrag. Dit verdrag is verlopen dus niet meer geldig. Het enige dat hiervan is overgebleven is een bedrag van ruim €9 miljoen waarvan Nederland de toezegging heeft gedaan dat Suriname dit bedrag ook zou ontvangen. Het is niet bekend als wij dit hebben gehad. Suriname moet trachten met goede mensen middels goed overleg aan tafel te gaan, om een nieuw verdrag te krijgen. Dit omdat een verdrag meer zekerheden geeft en grondwetten overschrijdt. Daarvoor heeft de Surinaamse regering niet gepusht, hetgeen de minister van Buitenlandse Zaken wel moest doen en voornamelijk via de Surinaamse ambassadeur in Nederland. Maar dat is niet gebeurd. Wat uitgerold is het Makandra project of zo je wilt het Makandra programma. Maar dit is geen verdrag en je kan je daarop niet beroepen. Het Raamverdrag dat geëindigd is, geeft wel aan dat Nederland bereid is een nieuw verdrag aan te gaan. Waarom Suriname daar geen werk van heeft gemaakt is vooralsnog onduidelijk.

Aanpassingsprogramma van Venetiaan

In deze relatie met het land Suriname en Nederland, heeft Nederland haar mensen via haar eigen instituten waar nodig Suriname vrijblijvend zonder enige vorm van verplichting ondersteund  en dat is binnen het IMF en de Paris club. Suriname heeft binnen het Paris club een herstructurering van de betalingen/schulden gehad. Ze heeft wel geen kwijtschelding gehad dus is het ook geen succes te noemen. Bij het aantreden van het nieuw Front en president Venetiaan en vicepresident Ajodhia  zat Suriname  in een heel slechte economische positie. Toen wilde Nederland, Suriname niet helpen en verplichte hen toen om met IMF in zee te gaan. President Venetiaan had dat toen geweigerd, omdat hij hoogstwaarschijnlijk wist hoe dodelijk dit zou zijn voor de Surinaamse bevolking. Een heel opmerkelijke uitspraak toen, omdat Nederland dreigde geen middelen te geven, was van  vakbondsleider/politicus wijlen Fred Derby te weten ‘Barst dan met je geld’. Venetiaan heeft toen het eigen Structureel Aanpassingsprogramma (SAP) uitgevoerd. Venetiaan had wel het voordeel dat Nederland de geldkraan van resterende financiële middelen niet had dichtgedraaid. Nederland heeft toen miljoenen ter beschikking gesteld om te gebruiken  als betalingsbalans steun en dat is niets  anders dan dat we onze importen konden dekken. De druk was niet zo hoog op de maatschappij. President Santokhi heeft die financiële injectie niet gehad, maar eerder een infuus van het IMF.

Ambassadeur belediging aan het adres van Suriname

De juiste mensen zouden geplaatst moeten worden om met Nederland te kunnen onderhandelen. In Nederland wordt Suriname vertegenwoordigd door ambassadeur Rajendre Khargi. Het was een belediging aan het adres van Suriname dat president Santokhi een persoon als ambassadeur van Suriname heeft benoemd die nooit in Suriname heeft gewoond. De persoon heeft geen binding met Suriname en heeft voor zijn benoeming zijn Nederlandse nationaliteit ingeleverd gewoon om ambassadeur te worden. Vandaar dat we ook zien dat deze ambassadeur belangrijke issues voor het land Suriname niet kan uitdragen. Blijkbaar wanneer ze hem horen, horen ze geen Surinamer maar een Nederlander die met hun is opgegroeid. Het bezoek van de minister president Rutte kan veel opbrengen voor Suriname, maar het programma en de agendapunten zijn nog niet bekend. Gaan we echter op dezelfde wijze door en die arme mentaliteit hebben dan gaan we dezelfde behandeling krijgen van de Nederlandse kant. Wat wij moeten doen is zaken bespreekbaar maken in goed overleg  met de juiste mensen. We hebben dat tot nu toe niet gedaan. Santokhi’s hele diaspora verhaal is gecrashed en heeft zelf bedankt. Het ziet ernaar uit dat we in de diplomatiestrijd ook met regering Santokhi hebben gefaald. Die Nederlanders zijn goed geïnformeerd, want ze halen hun informatie niet van de Surinaamse regering, maar van Surinamers  die in Suriname wonen en vaak genoeg in de schijn elite groep zitten. Het bezoek van Rutte is een unieke kans voor Santokhi’s. Maar als we afgezaagde paper pushers aan tafel zetten dan zal het resultaat ook pover zijn. We zouden Nederland concreet moeten vragen naar de volgende punten te weten:

  • Cash flow als betalingsbalanssteun.
  • Uit het IMF programma weg willen onder voorwaarde dat we een eigen programma al dan niet onder hun supervisie uitvoeren.
  • Technische hulp op alle niveaus. 
  • Mensen die gepensioneerd zijn om ons te helpen in kadervorming op de diverse ministeries, want daar ontbreekt het aan en daarom komt niets van de grond. We hebben namelijk onvoldoende capabele mensen op de ministeries.
  • We zouden institutionele versterking moeten vragen op alle niveaus.

Wat we echter moeten begrijpen is dat alles kapot is. Niet door president Santokhi, maar door 10 jaar president Bouterse-Ameerali en Bouterse-Adhin. Die hebben dit land  geruïneerd. Neemt Santokhi echter goede adviezen van slimme mensen en geen ja knikkers die alleen bezig zijn met dienstreizen en zichzelf kunnen voeden dan kunnen we het wel doen. Gaat hij op dezelfde wijze door zal hij verder in de modder zakken.

Source