Roemer in redeloos redeneren

13/08/2021 03:00 – Van onze redactie

Roemer in redeloos redeneren

Foto: Nicollaas Porter  

PARAMARIBO – De schrijfster Astrid H Roemer staat vanwege twee opmerkelijke zaken in de aandacht. Door de Nederlandse Taalunie is ze voorgedragen voor de Prijs der Nederlandse Letteren, de belangrijkste Prijs voor Nederlandstalige literatuur, die haar door een gecombineerde Nederlands-Belgische jury is toegekend.

Jarenlang is geprobeerd een Surinaamse bijdrage op te nemen in
de long list, maar dat is niet gelukt omdat de jury niet bekend was
met het werk van bijvoorbeeld een Slory of een Shrinivasi. Echter
na de toekenning van de PC Hooftprijs in 2016 aan Roemer konden de
literatuurkenners niet langer om haar oeuvre heen. Ik wandel al
lang met Astrid Roemer, sinds de uitgave van ‘Neem mij terug
Suriname’ (1973) waarin ze de worsteling van Surinamers in het
nieuwe vaderland beschreef.

Mijn reis ging juist andersom, naar Suriname, met een zwarte man
die Suriname weer terugnam. Door Roemers uitspraken over de
Decembermoorden is het Surinaamse veld wederom verdeeld. Hij zou
geen moordenaar moeten heten. Voor mij was dat zo vanzelfsprekend,
dat ik niet viel over de in Den Haag protesterende Surinamers met
het bord ‘Bouterse moordenaar’ in het nieuwe concept van het
geschiedenisboekje voor deze zesde klas glo, dat in 2010 vanwege
deze leus werd afgekeurd tijdens het prille presidentschap van
Boutere.

Moraalridders hier in de betekenis van zedenmeesters vooral aan
de andere kant van de oceaan, beargumenteren waarom Roemer de Prijs
der Nederlandse Letteren niet zou moeten krijgen (ze heeft hem
overigens al) en dat de koning van België haar deze in oktober niet
moet uitreiken (gaat hij intussen niet doen).

Niet in lijn

De huidige uitspraken van Roemer zijn niet in lijn met hoe ze
geweld in haar verdere oeuvre inkadert. In een stuk over seksueel
geweld spreekt ze over handelingen van mannen waar de samenleving
van huivert. Zelf koos ze voor veilige opties en greep niet in.
Maar ze beseft dat geweldgevallen niet toevallig gebeuren, en zich
zullen herhalen. Haar morele oordeel toont zich hier duidelijk: een
niet veroordelen van geweld zal dit in stand houden. Wangedrag
maakt veel stuk. In deze instanties had Roemer het over seksueel
geweld van mannen tegenover
vrouwen.(https://werkgroepcaraibischeletteren.nl/astrid-h-roemer-over-seksueel-geweld).

Als we deze misdaad vervangen door moord, is het morele kompas
van Roemer helder. Het gaat dan ook niet om het veroordelen van de
daad. Maar het specifiek veroordelen van een persoon voor de
gepleegde delicten. De ooggetuigenverslagen zijn duidelijk,
daarnaast is de verantwoordelijkheid van de legerleider en baas
onomstreden. De vijftien mannen zijn vrijwel gelijktijdig opgepakt,
geïnterneerd en vermoord in Fort Zeelandia. Daar was een plan. De
moorden zijn gepleegd. Decorpus delicti zijn er. Er moet een
schuldige aangewezen worden.

White lie

Denken dat iemand niet liegt is naïef. Iedereen maakt gebruik
van een ‘white lie’, een leugentje om bestwil. De ernst van deze
leugens hebben zich als een infectie verspreid, een verscheuring
van een samenleving, een grote, open, etterende wond. Iedereen
staat erbij en kijkt ernaar. Pogingen tot heling zijn gedaan door
vele partijen. Radicaal kon dat alleen vanuit de andere kant van de
oceaan. Hier in Suriname wordt een criticus bedreigd, met een
kogelbrief, traangas of de dood. De koning heeft vazallen, maar
zelfs een scherprechter kan genoeg krijgen van zijn meedogenloze
taak, en met de stille trom uit de kolonie vertrekken.

Iedereen schuld

In haar magistrale trilogie heeft Roemer betoogd dat iedereen
schuld draagt. Daar schrikken we van, en verzetten ons daartegen,
want wie wil er nou schuldig zijn? Zeker niet aan moord. Dan vraag
ik aan u, de lezer van deze tekst: ‘Wat hebt u gedaan in al die
jaren, en waarom hebt u zo gehandeld?’ Vanwege een moreel oordeel,
of vanwege politiek of financieel gewin? Het voordeel voor familie
en vrienden? Exemplarisch wordt aangetoond waar Suriname onder
lijdt: het recht en competenties moeten wijken voor eigenbelang.
Bij het zogenoemde Stockholmsyndroom krijgt een slachtoffer
sympathie voor de dader, wat deze doet wordt goedgepraat. Ons land
is jarenlang in gijzeling gehouden en er is een desastreus beleid
via ons parlement, de DNA, gelegitimeerd. Het schisma is daar nog
dagelijks voelbaar, het trauma werkt verlammend op de schuldvraag
en rationele dialoog, en vervolgens op het opereren van de
samenleving. Velen zijn van de moordenaar gaan houden. Het beeld
van de zwarte Christus doemt op, omhangen met martelaarschap. Zeker
in een postkoloniaal kader en na traumatische gevolgen van een
lange periode van slavernij, waarin de zwarte man is kleingemaakt.
Het volk wijst de boosdoener aan, vergemakkelijkt door
ongrijpbaarheid. En de gevolgen van een dergelijk besluit zijn een
last voor het hele land. Het volk kan oordelen, maar veroordelen
doet de rechter.

Hoogste goed

Een reactie op een aanval is vaak een tegenaanval. Iedereen
springt bovenop Roemer vanwege haar vrije meningsuiting, onder wie
mensen die dit hoogste goed propageren. Het beeld doemt op van een
oude, in de hoek gedreven kat die redeloos om zich heen klauwt.
Door angst, door pijn, door eenzaamheid. We kunnen op deze kat
inbeuken en ze zal blijven spartelen totdat ze uitgeput of dood
erbij neervalt. En alle geest eruit is geslagen. Of we kunnen haar
met sussende woorden en wat melk tot bedaren brengen. En haar
vervolgens over het kopje strijken. Totdat ze weer spint. Waar
kiezen we voor? Waar willen we deze keer schuldig aan zijn?
Advocaat Spong zegt: ” Het is alsof je een NSB-er vlak na de oorlog
een prijs uitreikt.”

Alleen iemand die het werk van Roemer niet kent, maakt een
dergelijke opmerking. Zij schrijft haar eigen verhaal van een
verscheurde vrouw die nog rouwt om het smartelijke verlies van haar
geliefde moeder, in een verscheurd Paramaribo. Er is veel gelogen
tegen Roemer, tijdens haar leven en de gevolgde pijn is voelbaar in
haar werk. Waarom zou ze dan geen empathie tonen voor de
slachtoffers of hun achterblijvers? Prijzen worden uitgereikt voor
prestaties. Binnen de literatuur scheiden we het werk van de
auteur.

Een advocaat kan zijn werk op magistrale wijze uitvoeren, al
kunnen we aan zijn morele kompas twijfelen wanneer hij een zware
misdadiger verdedigt. De architect van een bouwwerk staat voor zijn
werk, en de tijd zal dat niet uit kunnen wissen, pas als het
instort. Daarvan is hier geen sprake. Het literaire werk van Roemer
kan elke toets van kritiek doorstaan en behoort tot het beste wat
uit Suriname is voortgekomen.-. Drs.

Hilde Neus is docent literatuur lid van de Surinaamse
vereniging van neerlandici in Suriname en hoofdredacteur van dWT
Literair

Share on Facebook    

Source