‘Het recht moet voor iedereen gelden’

01/08/2021 06:00 – Audry Wajwakana

'Life after death', een werkstuk uit 2011 van Kurt Nahar, dat verband houdt met de 8 Decembermoorden.

‘Life after death’, een werkstuk uit 2011 van Kurt Nahar, dat verband houdt met de 8 Decembermoorden. Foto: Readytex Art Gallery  

PARAMARIBO – De uitspraak van het Constitutioneel Hof over de gewijzigde Amnestiewet, is voor kunstenaar Kurt Nahar geen verrassing. Bij de indiening voor de wijziging van de Amnestiewet in De Nationale Assemblee op 5 april 2012 wist hij bij voorbaat dat het niet lang stand zou houden. Toch is hij erg opgetogen met de nieuwe ontwikkeling.

Zijn kunstwerken staan erom bekend dat ze alles wat verkeerd is
in de maatschappij scherp aan de kaak stellen. Een steeds
terugkerend thema vanaf het begin van Nahar’s kunstenaarschap is
vooral de Decembermoorden. Op zijn manier zocht hij gerechtigheid
voor de slachtoffers. “Eindelijk zijn we weer op het punt beland
dat het recht voor iedereen zal gelden”, zucht de kunstenaar. De
wijziging van de Amnestiewet kwam naar zijn mening voort uit een
machtspositie. “Wat het geheel interessanter maakt, is dat als iets
niet goed is en waar je je eigen mensen voor inzet om erover te
oordelen, het op den duur averechts zal werken.”

Als jongeman groeide hij net als leeftijdgenoten, die nu over de
veertig jaar zijn, in de nasleep van deze moorden op. Voor hem zat
er een extra dimensie in. Zijn moeder was jarenlang lid van de
Organisatie van Gerechtigheid en Vrede en ging vaak naar
bijeenkomsten of vergaderingen. Dat maakte hem erg nieuwsgierig.
Door te vragen en ook zelf onderzoek te doen raakte hij verder
geïnteresseerd in dat stuk onrecht dat in Suriname heeft
plaatsgevonden.

Door dit thema steeds aan te kaarten, werkte Nahar aan
bewustwording over wat er in de jaren tachtig mis is gegaan. “Een
stuk onrechtvaardigheid.” Met de andere kant op kijken, wordt
volgens de kunstenaar een groter probleem gecreëerd. “Kijk maar
naar de manier waarop we vandaag de dag met elkaar omgaan. Dus
omdat a no mi famiri, dan mi musu tapu mi ay. Het verdriet
van de moeder die haar zoon heeft verloren moet mij niet
aangaan?”

Om een goed beeld van het geheel te krijgen, heeft de kunstenaar
door de jaren heen niet alleen nabestaanden gehoord, maar ook de
kant van de militairen. Maar voor hem blijft het een feit dat er
een groot onrecht aan mede-Surinamers is aangedaan. Dat er
leeftijdgenoten en ook jongeren geen interesse tonen in deze zwarte
bladzijde van de Surinaamse geschiedenis, kan hij niet begrijpen.
Het proces duurt te lang, is vaak het argument.

Nahar: “Slavernij heeft ook plaatsgevonden en nog steeds zijn we
er niet uit, maar we verdiepen ons er wel in. Waarom wil je het wel
over het slavernijverleden hebben, dat honderden jaren geleden
heeft plaatsgevonden, maar over de meest recente geschiedenis wil
je je ogen sluiten? Tijdens de Eerste en Tweede Wereldoorlog hebben
er wrede mensenrechtenschendingen plaatsgevonden. Het proces om die
daders te berechten heeft ook lang geduurd, maar het heeft wel
plaatsgevonden. En daar gaat het ook om in Suriname. Er zijn wetten
en regels en als je die overtreedt moet je voor de consequenties
instaan.”

Het besluit van het Constitutioneel Hof ziet Nahar als een halve
overwinning. De nieuwe ontwikkelingen inspireren de kunstenaar om
meer werken rond dit thema te maken. Ook als er berechting mocht
komen. “Hoe je het draait of keert, het is beladen Surinaamse
geschiedenis. Ik denk dat als generaties van ons er na een bepaalde
tijd niet meer zijn, er een heel ander Suriname zal ontwaken, waar
alle politieke hebi’s die door dit drama zijn veroorzaakt,
eindelijk een plek zullen krijgen om dit mooie land verder te
kunnen opbouwen.”

Share on Facebook    

Gerelateerde artikelen

Source