COLUMN: Andere koers

SERIEUS!? / Ivan Cairo

Het is vandaag precies 36 dagen geleden dat Armand Achaibersing de leiding van het ministerie van Financiën en Planning heeft overgedragen aan Albert Ramdin en Sylvano Tjon Ahin als waarnemers. Je zou dus verwachten dat haast gemaakt zou worden met het aanstellen van een nieuwe permanente minister op deze cruciale regeringspost.

Vooral te midden van de talrijke financieel-economische problemen waarmee het land momenteel wordt geconfronteerd en aandacht van de regering vereisen. Dat de president snel een nieuwe MinFin op de post wil hebben geloof ik best wel. Helaas schijnen potentiële kandidaten geen belangstelling te hebben voor een regeringsfunctie die onder normale omstandigheden een eerbare positie zou zijn.

De afgelopen decennia hebben politici te vaak ongefundeerde aantijgingen gelanceerd tegen politieke opponenten om hun reputatie te schaden.

President Santokhi heeft intussen al een lijst van meer dan tien potentiële kandidaten afgewerkt, maar een nieuwe minister hebben we nog niet. Een aantal had er geen trek in hun vreemde nationaliteit op te geven, maar een niet onbelangrijk deel zegt: ‘Geef m’n portie maar aan Fikkie.’

Die wagen het niet in de politieke arena, want gevreesd wordt voor imagoschade door ongefundeerde aanvallen, valse aantijgingen, leugens en karaktermoord. Ze zijn niet bereid hun goede naam en reputatie op het spel te zetten. Voor wat? Een vermelding op je CV dat je ooit MinFin van Suriname bent geweest? Ze passen wel op. Dat deze overwegingen bij kandidaten hoog spelen heeft de Surinaamse politiek, inclusief de VHP/Abop/NPS/PL-coalitie, aan zichzelf te wijten.

De afgelopen decennia hebben politici te vaak ongefundeerde aantijgingen gelanceerd tegen politieke opponenten om hun reputatie te schaden. Die aantijgingen werden klakkeloos door partijgenoten en sympathisanten overgenomen en herhaald op onder andere sociale media. NDP-politici en NDP-gezinden hebben dat vooral tussen 2010 en 2020 aan den lijve ondervonden.

De zwartmakerij kwam uit de toenmalige oppositionele hoek. Nu, met een regering waar de VHP leiding aan geeft, is dat niet anders. VHP-politici worden voor alles en nog wat uitgemaakt en ook hun gezinnen worden er met de haren bijgesleept. Deze ontwikkeling zorgt voor een sfeer van politieke onverdraagzaamheid en in een enkel geval misschien zelfs haat, wat op de lange duur niet goed kan zijn voor de algehele ontwikkeling van het land.

Hopelijk is wat er nu gebeurt met de zoektocht naar een nieuwe minister van Financiën en Planning een les voor alle politici en politieke partijen dat het korps aan Surinaams kader niet zo uitgebreid is dat ongestraft vunzige politiek wordt bedreven om aan de macht te komen of te blijven.Dat wreekt zich nu, want niemand wil zich beschikbaar stellen.

Voor een deel kan het falen bij het snel vinden van een nieuwe MinFin ook in de schoenen van de president worden geschoven. Vóór 25 mei 2020 schreeuwde hij van de daken dat de VHP uitpuilde van deskundigen. Zodanig dat er bij wijze van spreken drie tot vier regeringsteams met het grootste gemak samengesteld zouden kunnen worden. Dat zeg ik natuurlijk met mijn eigen woorden.

Dat wordt nu dus gelogenstraft. We zagen dat al bij de vervanging van de minister van Arbeid, Werkgelegenheid en Jeugdzaken toen de president buiten zijn partij een kandidaat heeft moeten zoeken. Ik hoop dat het staatshoofd het keuzevraagstuk waar hij momenteel mee kampt zodanig zal gebruiken en in zijn voordeel omzetten om het voortouw te nemen een andere politieke cultuur in Suriname te creëren. Met gezonde politieke concurrentie is niets mis, maar met wat we de afgelopen vijftien tot twintig jaar hebben meegemaakt en nog steeds ervaren schieten we als land geen meter op.-.

ivancairo@yahoo.com

Generated by Feedzy